Zoekt in de witte emmer en gij zult vinden

Ik ben mij langzaam aan het opwinden. Ik doe dat al een uur, dus ik zit dicht tegen furieus aan. Gisteren hebben we bij Hornbach een extra  plank gekocht voor in Marits kledingkast. De plank moet op maat gemaakt en ik kan mijn decoupeerzaag niet vinden.

De frustratie komt niet alleen omdat ik hem schijnbaar kwijt ben, maar vooral omdat ik hem de vorige keer zelf heb opgeborgen. Ik kan niemand anders de schuld geven, behalve mijzelf. En omdat ik mijzelf niet hard genoeg kan slaan, loop ik te mokken.

Ik bankzit een kopje instant espresso weg en ga weer zoeken. Natuurlijk vind ik hem direct. In de witte emmer waar alle spullen van het vloerleggen nog in zitten. Ik pak de plank en maak hem op maat. De plank zit zo in de kast. Ik blij, opdrachtgever blij en Marit vindt het geweldig. Kunnen er weer meer roze kleren in haar kast.

Mentale memo: decoupeerzaag zit in de witte emmer. De witte emmer staat op de grond bij de werkbank. De rolmaat zit er ook in.

Die klusjesmannen op televisie zoeken nooit naar gereedschap. A ha, the sun always shines on tv.

Reclameplee

Ik kijk tevreden naar het toilet. Zojuist heb ik 5 minuten geborsteld en geboend op een ‘hygiënisch eindresultaat’. Daar heeft het Aldi-chloor het in ieder geval over.  Zoals de zon nu valt, kan onze plee zo in een Glorix-commercial. Ondanks de goedkope gele fles waarmee onze diepspoeler gekuist is.

Genoegzaam drink ik een donker en intens kopje koffie. Ik teletekst een beetje. Plaag Marit en Elke een beetje om ze aan het opruimen te krijgen (“Als jij dat niet opruimt, dan doe ik het lekker, hoor”). Ik heb niet veel nodig om een tevreden mens te zijn.

De natuur roept. Ik draai me om om door te trekken. Dan bedenk ik opeens dat het wel heel jammer is, om in mijn pas gehygiënieerde  reclameplee een grote boodschap achter te laten. Met chloor, borstel en luchtverfrisser maak ik het toilet weer op orde. Ik kijk voor de tweede keer vandaag tevreden naar het eindresultaat.

Marit trekt aan mijn trui. “Pappa, ik moet poep doen.”

Zonde!

Amateurgynaecoloog

Vorige week hoorde ik de uitdrukking ‘amateurgynaecoloog’. Het was notabene een vader die dat als beroepskeuze voor zijn bijna volwassen zoon voorstelde.

Ik was geschrokken, maar ik moest ook wel lachen. Een beetje beschaamd, dat wel. Ik dacht aan een paar gynaecologenmoppen (‘Een gynaecoloog schildert zijn halletje via de brievenbus’) en ik was niet trots dat ik die had onthouden,

Mijn humor is op zijn eigen manier flauw. Ik hou van woordgrapjes. Ik verwonder mij al jaren over het autoblad voor dokters ‘Arts en auto’.

Welk blad ligt er in de wachtkamer van een gynaecoloog? ‘Vrouw en arts’.

Amateurgynaecoloog is leuker. Ik zeg mijn abonnement op ‘Grap en maker’ op.

Schone slaapster

Na 200 kilometer staan we eindelijk stil. We zijn thuis. Het is al voorbij bedtijd, dus de meiden slapen al. Elke snurkt zelfs. Marit hangt zijwaarts uit haar stoeltje.

We pakken allebei een kind en we lopen naar boven. Ik zet Marit op het toilet. Na een paar minuten, vraag ik Marit of ze al klaar is. Na 4 keer vragen ruk ik de slaapkop van de pot.

Op bed kleed ik Marit uit. Na ieder kleedstuk rolt ze weer op haar zij. Ik zet haar rechtop en doe haar de pyama aan. Automatisch duwt ze haar armen een voor een door de mouwtjes. Marit blijft slapend zitten als we klaar zijn.

Ik leg haar neer, stop haar toe en geef haar een kus. Welterusten.

Rare vraag

Ik heb geen moppenverteltalent. Dat komt omdat ik ze nooit goed onthoud. En als ik dan leuk uit de hoek wil komen, dan duurt dat te lang.

Korte grapjes, daar ben ik wel goed in. Ik ving een gesprek op tussen 2 mensen. De één vroeg de ander of ze het weleens had aangelegd met een neger. Ik was verbouwereerd over deze vraag.

Wilde hij het misschien met een neger aanleggen? Daar vond ik hem het type niet voor. En waren negers wel geïnteresseerd in hém. Ze keek hem verbaasd aan en gaf geen antwoord.

Ik antwoordde voor haar: “Nee, maar wel met een jager.”

Omgevallen BMW

De wind waait om het gebouw. De regen komt met bakken uit de hemel. Vanaf de 7e verdieping kun je dat goed zien. Ik begrijp waarom ze het in Engeland over “rain showers” hebben. Met een flinke blok zeep zou je behoorlijk schoon kunnen worden. De herfst is in het land.

*bliep* Ik loop terug naar de computer. Alle medewerkers hebben een e-mail gekregen. Er is een BMW omgevallen. Het blijkt om een motorfiets te gaan. We moeten lachen, want we zien allemaal een 318i of een 1-serie op z’n kant liggen.

Buiten herfst het lekker verder. Verderop waaien een paar vaandels kapot. Een collega loopt terug naar zijn bureau. Hij moet grinniken. Hij ziet een foute omgevallen Duitse auto voor zich.

Het mysterie van het oranje plastic

Gisteren loste een collega het mysterie van het oranje plastic op. Daar heeft ze heel weinig voor hoeven doen. Ze is er het kantoor niet eens voor uit geweest. Hoewel, ik denk niet dat ze op het werk is blijven slapen.

Ze heeft van een andere plek naar het dak gekeken. Een meter of 50 verderop, uit een ander raam. Wat bleek, het plastic dekt een raam af. In het dak zitten een stuk of 6 ramen en op de plek waar een raam zou moeten zitten, zit het plastic.

Dit mysterie is opgelost zonder hulp van paragnosten. Ik had het graag wat spannender voor u gemaakt. Sorry.

Stukjeschrijven

Moe en inspiratieloos zit ik met de laptop op schoot. Een beetje raar als je die niet op schoot hebt. Een laptop op tafel is eigenlijk heel raar. Wel een bijzonder moment. Na 10 dagen gaat het eindelijk niet lukken.

Hé, fukkeduk! Toch, ik zie hier een stukje. Jippie!

Uier, airco, laserstraal

Ik sta met mijn pinpas klaar. De kassière bliept mijn boodschappen. Aan het plafond hangt mega-airco. Het is een halve bol met een stuk of 8 korte buizen. Het lijkt op een grote metalen uier voor koude lucht.

Hij zou ook in een rolletje kunnen hebben in een sombere science-fictionfilm. Aan het plafond van een groot winkelcentrum waar een menigte in bedwang wordt gehouden. Met de lasers die uit de uier schieten.

De kassière bliept het laatste product. Ik betaal.

Zo’n arico-uier kan alleen maar aan een koe zitten die milkshakes geeft.

Een laan met een wit paard

We staan met de auto in de file. Midden in de stad. Het straatnaambordje vindt dit stuk asfalt een weg, maar daar ben ik het niet mee eens. Links en rechts staan over de hele lengte bomen. Wij staan te wachten op een laan. Een lange laan. Met misschien wel linden.

Uit een huis loopt een jonge vrouw. Ze lacht. Misschien heet ze wel Liesje. Boven de deur, aan de gevel van haar huis hangt het silhouet van een groot wit paard. Het hangt met 2 schroeven aan de muur. Eén schroef is het oog. Het ander zit vlak onder de staart. Het lijkt op een poepgaatje.

Het is veel te klein voor paardendrollen. Maar je kunt er wel een paardenbloem in steken.